Industrie trekt voorzichtig aan: wat betekenen de nieuwste CBS-cijfers voor ondernemers?
De Nederlandse industrie laat weer een kleine groei zien. Volgens nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) lag de productie in maart 2026 1,7 procent hoger dan in maart 2025. Ten opzichte van februari 2026 steeg de productie van de industrie in maart met 2,8 procent.
Daarmee lijkt de industrie voorzichtig te herstellen na een langere periode van krimp. Opvallend is dat de groei breed gedragen is: in de helft van alle industriebranches nam de productie toe. Voor ondernemers die actief zijn in deze branches is dat een voorzichtig positief signaal. Toch blijven veel ondernemers kritisch kijken naar kosten, investeringen en toekomstige orders.
Machine-industrie grootste stijger
Van de grotere industriële sectoren liet de machine-industrie de sterkste groei zien. De productie steeg daar met 16,5 procent ten opzichte van maart vorig jaar. Ook ondernemingen die zich bezighouden met reparatie en installatie van machines zagen de vraag toenemen, waardoor de productie met ruim 6 procent steeg. Andere sectoren met groei waren de rubber- en kunststofindustrie (+1,5 procent) en de voedingsmiddelenindustrie (+1,2 procent).
Niet alle branches profiteerden van het herstel. De grootste daling was zichtbaar in de elektrische en elektronische industrie, waar de productie met 13,3 procent afnam. Ook de chemische industrie (-7,1 procent), de transportmiddelenindustrie (-3,9 procent) en de industrie voor metaalproducten (-0,7 procent) krompen verder. Ondernemers die afhankelijk zijn van deze sectoren hebben nog altijd te maken met terughoudende klanten en onzekerheid over nieuwe orders.
Productie stijgt ook op maandbasis
Van februari 2026 op maart 2026 steeg de productie in de industrie met 2,8 procent, gecorrigeerd voor seizoensinvloeden en kalendereffecten. Dat kan erop wijzen dat bedrijven langzaam weer meer vertrouwen krijgen en hun productie opvoeren.
Voor ondernemers is dat relevant, omdat het erop kan wijzen dat bedrijven weer meer orders binnenkrijgen en productiecapaciteit uitbreiden. Dat werkt vaak door in meer vraag naar personeel, extra inhuur van zzp’ers, hogere behoefte aan logistiek en onderhoud en investeringen in machines en automatisering.
Maar volgens het CBS blijft de ontwikkeling van de industrie wel grillig. Sinds het dieptepunt in coronajaar 2020 herstelde de productie sterk, maar vanaf medio 2022 zette opnieuw een dalende trend in. Sinds 2024 blijft het productieniveau gemiddeld genomen grotendeels stabiel.
Producenten blijven voorzichtig
Ondanks de groeicijfers zijn producenten nog altijd terughoudend over de economische vooruitzichten. Het producentenvertrouwen bleef in april steken op -0,7 en is daarmee nog steeds negatief. Fabrikanten waren vooral minder positief over de verwachte bedrijvigheid in de komende maanden. Wel verbeterde het oordeel over de voorraden gereed product.
Dat merkt ook het mkb, waar bedrijven scherp blijven op kosten, marges en personeelsuitgaven. Vooral kleinere bedrijven blijven kwetsbaar wanneer orders onverwacht teruglopen.
Binnen de industrie zijn de verschillen groot. Ondernemers in de elektrotechnische en machine-industrie zijn momenteel het meest positief (2,7), terwijl bedrijven in de textiel-, kleding- en lederindustrie juist het somberst zijn (-7,9). Het vertrouwen in de aardolie- en chemische industrie nam het sterkst toe.
Toch lag het vertrouwen van producenten in april boven het gemiddelde van de afgelopen 20 jaar van -1,3. In oktober 2021 bereikte het vertrouwen de hoogste waarde (10,5) en in april 2020 de laagste waarde (-31,5).
Industrie groeit weer, maar onzekerheid blijft
De nieuwste cijfers van het CBS wijzen erop dat de Nederlandse industrie nog zoekende is naar stabiele groei. Vooral ondernemers in de machinebouw profiteren van de aantrekkende vraag. Voor mkb’ers en zzp’ers in techniek, onderhoud, installatie en industriële dienstverlening kan dat nieuwe opdrachten betekenen. Juist kleinere gespecialiseerde bedrijven profiteren vaak mee wanneer grotere industriële spelers weer investeren.
Tegelijkertijd blijft de onzekerheid groot en is er nog geen sprake van breed economisch herstel. Bovendien kampen andere sectoren nog met tegenvallende marktomstandigheden en internationale onzekerheid. Of het herstel structureel is, zal de komende maanden moeten blijken. Het producentenvertrouwen laat in ieder geval zien dat veel ondernemers voorlopig voorzichtig blijven.