Steeds meer cao’s bevatten afspraken over zzp’ers
Werkgevers die zzp’ers inhuren, krijgen steeds vaker te maken met cao-afspraken over tarieven en de inzet van zelfstandigen. Uit nieuw onderzoek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) blijkt dat inmiddels 49 van de 661 aangemelde cao’s expliciete afspraken bevatten over zzp’ers.
In elf cao’s zijn zelfs minimumtarieven of tariefopslagen vastgelegd. Drie jaar geleden waren dat er nog negen. De discussie over zzp’ers richt zich vaak op wetgeving, handhaving en schijnzelfstandigheid. Toch kunnen werkgevers en werknemersorganisaties ook zelf afspraken maken over de inzet van zelfstandigen. Dat gebeurt steeds vaker via cao’s, blijkt uit het onderzoek.
Cao speelt steeds grotere rol bij inhuur van zzp’ers
Het jaarlijkse onderzoek van SZW laat zien dat cao-partijen niet alleen afspraken maken over de voorwaarden waaronder zzp’ers mogen worden ingehuurd, maar ook over minimumtarieven, roosters en de omvang van de flexibele schil binnen organisaties.
Voor ondernemers betekent dit dat naast wet- en regelgeving ook de cao in de sector belangrijker wordt bij het inhuren van zelfstandigen. In sommige sectoren worden steeds vaker grenzen gesteld aan tarieven, wanneer, hoe vaak en de voorwaarden waaronder zzp’ers mogen worden ingehuurd.
Voor zzp’ers zelf kunnen deze afspraken zowel voordelen als beperkingen opleveren. Minimumtarieven kunnen helpen om een kostendekkend tarief te rekenen. Tegelijkertijd kunnen cao-afspraken de vrijheid beperken om zelf over tarieven en opdrachten te onderhandelen. Ook kan het voorkomen dat zelfstandigen minder vaak worden ingezet als cao’s voorrang geven aan werknemers met een vast dienstverband of grenzen stellen aan de inzet van flexibele krachten.
Elf cao’s bevatten afspraken over zzp-tarieven
In elf cao’s zijn inmiddels concrete afspraken opgenomen over de tarieven van zzp’ers. Die moeten ervoor zorgen dat zelfstandigen voldoende ruimte hebben om zelf voorzieningen te treffen voor bijvoorbeeld pensioen, arbeidsongeschiktheid en verzekeringen. Ook moeten de afspraken voorkomen dat zzp’ers goedkoper worden ingehuurd dan werknemers.
In zes van deze cao’s geldt een verplichte opslag bovenop het reguliere cao-loon. Die varieert van 40 tot 67 procent, met een gemiddelde van 52,5 procent. Voor ondernemers kunnen dergelijke afspraken direct gevolgen hebben voor de kosten van het inhuren van een zelfstandige.
Zorg en bouw lopen voorop
De meeste cao-afspraken over zzp’ers zijn te vinden in de zorgsector, gevolgd door de bouw. Ook in de cultuursector en bij financiële instellingen worden steeds vaker afspraken gemaakt.
In de zorg ligt de nadruk vooral op de planning van personeel. Werknemers met een vast contract krijgen in veel cao’s voorrang bij het invullen van diensten. Pas daarna kunnen zzp’ers of andere flexkrachten worden ingezet. Zulke afspraken zijn onder meer opgenomen in de cao’s voor ziekenhuizen, VVT (Verpleeg-Verzorgingshuizen en Thuiszorg), ambulancezorg, huisartsenzorg en Universitaire Medische Centra.
In de bouw gaat het juist vaker over de voorwaarden waaronder zelfstandigen mogen worden ingehuurd. Zo verplicht de nieuwe cao Afbouw werkgevers om gebruik te maken van een door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomst. Daarnaast moeten zij controleren of ingehuurde zzp’ers beschikken over de juiste certificaten en voldoen aan de geldende veiligheidseisen.
Ook grenzen aan flexibele schil
Naast afspraken over tarieven bevatten 25 cao’s bepalingen over de inzet van zelfstandigen en andere flexibele arbeidskrachten. Het doel is te voorkomen dat organisaties te afhankelijk worden van flexibele arbeid. De afspraken moeten de balans tussen vaste medewerkers en flexwerkers bewaken.
Zo mogen in de ambulancezorg uitzendkrachten en zzp’ers alleen in uitzonderlijke situaties worden ingezet, bijvoorbeeld bij onverwachte uitval. Ook ING Bank heeft hierover afspraken gemaakt. Daar streven cao-partijen naar een verhouding van 80 procent vaste medewerkers en 20 procent flexibele krachten.
Voor werkgevers betekent dit dat de ruimte om structureel met zelfstandigen te werken in sommige sectoren kleiner wordt.
Wat betekent dit voor ondernemers?
Hoewel het aantal cao’s met specifieke zzp-afspraken nog relatief beperkt is, neemt het gestaag toe. Ondernemers die zelfstandigen inhuren, doen er daarom goed aan om niet alleen naar het afgesproken uurtarief te kijken, maar ook naar de cao die binnen hun branche geldt.
Controleer daarbij vooral:
- Welke voorwaarden gelden voor de inhuur van zelfstandigen
- Of de cao minimumtarieven of verplichte opslagen voor zzp’ers bevat
- Of er afspraken zijn gemaakt over het maximale aandeel flexibele arbeidskrachten binnen de organisatie
De groei van cao-afspraken over zzp’ers zorgt tegelijkertijd voor discussie. Zelfstandigen zijn geen werknemers en onderhandelen in principe zelf over hun tarieven en opdrachten. Collectieve afspraken kunnen die ondernemersvrijheid beperken, maar zijn volgens cao-partijen juist bedoeld om oneerlijke concurrentie en te lage tarieven te voorkomen. Daarmee ontwikkelt de cao zich steeds vaker tot een instrument waarmee ook de inzet van zelfstandigen wordt gereguleerd.