Loonstijgingen blijven hoog: dit betekent het voor ondernemers
Ondernemers moeten ook de komende periode rekening houden met stijgende loonkosten. Hoewel de inflatie iets is afgekoeld, houden vakbonden vast aan stevige looneisen. In combinatie met de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt zorgt dat ervoor dat werkgevers meer moeten investeren om personeel aan te trekken en te behouden.
Hogere loonkosten kunnen gevolgen hebben voor de winstgevendheid en concurrentiepositie van bedrijven. Vooral in sectoren waar de marges al onder druk staan, kan iedere nieuwe cao-afspraak direct doorwerken in de bedrijfsvoering.
Ondernemers staan daardoor voor de uitdaging om de stijgende personeelskosten op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van hun investeringsruimte of concurrentiekracht. Dat vraagt om scherpe keuzes, bijvoorbeeld op het gebied van prijsbeleid, productiviteit en personeelsplanning.
Gemiddelde loonstijging boven 3 procent
De gemiddelde loonstijging kwam in de eerste helft van 2026 uit op 3,2 procent. Dat blijkt uit cijfers van werkgeversvereniging AWVN. In totaal werden 275 cao’s afgesloten voor ongeveer 1,9 miljoen werknemers.
De inflatie daalde in juni 2026 naar 2,9 procent, maar volgens vakbonden is dat onvoldoende om de koopkracht van werknemers op peil te houden. Daarom stellen zij hogere looneisen.
Volgens AWVN zet dat de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven onder druk. Werkgevers zien de loonkosten sneller oplopen dan wenselijk, terwijl veel bedrijven tegelijkertijd te maken hebben met hogere inkoop- en energiekosten.
Meer cao’s met afspraken over zzp’ers
Naast loonafspraken besteden cao-partijen steeds vaker aandacht aan de inzet van zzp’ers. Zo laat eerder onderzoek zien dat meer cao’s afspraken bevatten over zzp’ers. Zo worden er bijvoorbeeld voorwaarden gesteld over minimumtarieven en het maximale aandeel van flexibele arbeidskrachten binnen een organisatie.
Inflatie en personeelstekort versterken elkaar
Rabobank-econoom Hugo Erken wijst erop dat de onrust in het Midden-Oosten opnieuw voor hogere energieprijzen heeft gezorgd. Die werken uiteindelijk door in de inflatie, waardoor vakbonden hogere lonen blijven eisen om de koopkracht van werknemers te beschermen.
Maar dat de looneisen hoog blijven, heeft niet alleen te maken met stijgende prijzen. Ook de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt speelt een belangrijke rol. De vraag naar personeel is groot. In veel sectoren is het nog altijd lastig om vacatures in te vullen, waardoor werknemers en vakbonden een sterke onderhandelingspositie hebben.
Ook ING-econoom Marcel Klok verwacht dat deze combinatie van inflatie en arbeidsmarktkrapte de loonontwikkeling voorlopig hoog houdt.
Hogere kosten niet altijd volledig zichtbaar
Volgens Rabobank zijn nog niet alle prijsstijgingen zichtbaar in de economie. Hogere kosten voor onder meer voedsel en industriële goederen, zoals wasmachines en gereedschap, worden naar verwachting pas later volledig doorberekend. Daardoor kunnen de prijzen de komende periode verder oplopen. Dat betekent dat ook ondernemers rekening moeten houden met stijgende kosten.
Rabobank verwacht dit jaar een gemiddelde loonstijging van 4,3 procent en voor 2027 ongeveer 4,2 procent. ING rekent op een loonstijging van ongeveer 4 procent dit jaar en meer dan 3 procent in 2027.
Wat betekent dit voor ondernemers?
Voor ondernemers betekent de aanhoudende loonontwikkeling dat personeelskosten een belangrijke kostenpost blijven. Zeker in sectoren waar marges onder druk staan, is het essentieel tijdig in te spelen op nieuwe cao-afspraken, de eigen prijsstrategie te evalueren en kritisch te kijken naar productiviteit en personeelsplanning.
Daarnaast doen ondernemers er goed aan om werknemers niet alleen met salaris, maar ook met goede arbeidsvoorwaarden, ontwikkelmogelijkheden en flexibiliteit aan de organisatie te binden. In een krappe arbeidsmarkt kan dat minstens zo bepalend zijn als een loonsverhoging.
Nu de arbeidsmarkt krap blijft en de loondruk voorlopig niet afneemt, wordt een doordracht personeelsbeleid voor veel ondernemers steeds belangrijker. Niet alleen om kosten beheersbaar te houden, maar ook om talent aan te trekken en te behouden.